Rechte van Euler

In dit programma kan je ontdekken wat de rechte van Euler precies is. Door de verschillende toepassingen aan te vinken (hoogtelijnen, zwaartelijnen, concentrische cirkel) kan je deze laten verschijnen. Er zijn drie verschillende toepassingen. Hoogtelijnen: Deze toepassing geeft de hoogtelijnen weer. Een hoogtelijn is een lijnstuk uit een punt dat loodrecht op de tegenoverliggende zijde staat. Zwaartelijnen: Deze toepassing geeft de zwaartelijnen weer. Een zwaartelijn is een lijnstuk tussen een hoekpunt en het midden van de overstaande zijde. Concentrische cirkel: Deze toepassing geeft de concentrische cirkel weer. Een concentrische cirkel is de cirkel die door de drie hoekpunten gaat van een driehoek.
Wanneer je alle drie de hoogtelijnen aanvinkt, dan vormen dezen in hun snijpunt het hoogtepunt G. Wanneer je alle drie de zwaartelijnen aanvinkt, dan vormen deze in hun snijpunt het zwaartepunt K. Als je daarna de concentrische cirkel weergeeft et zijn middelpunt, dan kan je zien dat deze op één lijn liggen. Door daarna de Rechte van Euler aan te vinken, verschijnt de rechte waar deze drie punten op liggen.